
Na 29 jaar komt er een einde aan een begrip in Borne. Joost en Agnieta Versteegen stoppen per 1 juni met hun restaurant De Eetkamer. Niet omdat het niet meer loopt — integendeel — maar omdat het moment daar is. “Je wordt een jaartje ouder, de kleinkinderen komen, en dan denk je: het is goed geweest,” zegt Joost nuchter. “Dan hou je een keer op.”
Van droom naar werkelijkheid
Het idee voor een eigen zaak leefde al vroeg bij het stel. Allebei afkomstig uit de horeca, met een duidelijke wens: een klein restaurant dat ze samen konden runnen. “Wij wilden het liefst iets wat we met z’n tweeën konden doen. Dat leek ons ideaal,” vertelt Agnieta. Toen ze in Borne kwamen wonen, viel alles op zijn plek. De Eetkamer werd hun levenswerk — letterlijk, want jarenlang woonden ze boven de zaak. Met een babyfoon binnen handbereik en een oppas die rond half negen naar huis ging, draaiden gezin en restaurant tegelijkertijd door. Joost in de keuken, Agnieta in de bediening.
In het pand is die geschiedenis nog zichtbaar. Het begon in 1928 als kruidenierswinkel van de familie Van Wezel en werd in 1997 omgebouwd tot restaurant. De originele kast en betimmering zijn nog altijd intact. “Die hebben we zelf gevuld, met spullen van vroeger. Veel hebben we gekregen van gasten,” zegt Agnieta.
Geen haast, maar een avond uit
De Eetkamer werd geen plek voor een snelle hap, maar voor een avond uit. Gasten kregen de tijd — zonder tijdsloten, zonder haast. “We gaven mensen de ruimte om te blijven zitten,” zegt Agnieta. Dat trok een breed publiek. Niet alleen uit Borne, maar ook uit Hengelo, Delden en Almelo. “De gasten: van bouwvakker tot burgemeester,” zegt ze lachend. De aandacht zat vaak in kleine dingen. Aan een tafel staan andere glazen klaar. “Morgen komen daar twee vaste gasten. Die zitten altijd liever naast elkaar. En ik weet wat ze drinken.”
Herkend aan tafel
Die persoonlijke benadering zat diep in de werkwijze van het restaurant. Gasten werden herkend, bij naam begroet, en vaak wist Agnieta al wat iemand wilde bestellen voordat het werd gevraagd. “Je deelt lief en leed met mensen. Geboortes, maar ook verdrietige momenten.” Vaste gasten bevestigen dat beeld. “Er werd altijd goed voor ons gezorgd. Echt gericht op de klant, om het je naar de zin te maken.” Soms zat dat in kleine gebaren. Een dessert dat niet meer op de kaart stond, werd alsnog gemaakt. “Dan zei Agnieta: als je er zin in hebt, zeg het gewoon — waarschijnlijk kan Joost het nog maken.” Ook met dieetwensen werd moeiteloos rekening gehouden. “Mijn partner heeft een knoflookintolerantie, maar dat hoefden we daar nooit te zeggen. Ze wisten het gewoon.”
Ruimte voor creativiteit
Op de kaart stonden vooral de betere stukken vlees en vis, met een duidelijke Franse signatuur. Klassiekers als escargots, en in bepaalde periodes ook kikkerbillen, wisselden af met seizoensproducten zoals asperges en wild. Voor Joost zat de uitdaging in het blijven vernieuwen. Het liefst werkte hij met een verrassingsmenu. “Dan kun je iets nieuws maken en kijken hoe mensen daarop reageren. Soms pakt dat verrassend goed uit.” Die flexibiliteit zat ook in kleine keuzes. Wie twijfelde tussen twee soorten carpaccio, kreeg soms van allebei een deel op het bord. “Dan zei Agnieta: ik laat Joost wel even een half-half maken.” Daarin lag voor hem de kern van het vak: niet elke avond hetzelfde, maar blijven zoeken naar nieuwe smaken en combinaties.
Toen het niet meer vanzelf ging
Jarenlang ging het werk vanzelfsprekend door — tot de gezondheid dat veranderde. Joost kreeg darmkanker, waardoor de zaak tijdelijk dicht moest. Niet lang daarna volgden opnieuw medische problemen. “Dan kom je wel met beide benen op de grond. Er is meer dan alleen werken,” zegt Agnieta. Sindsdien werd het fysiek zwaarder. Overdag rust, ’s avonds werken — en dat jarenlang volhouden. In die periode werd ook duidelijk wat de zaak voor mensen betekende. “We hebben heel veel kaarten en bloemen gehad. Van vaste gasten, maar ook van mensen die hier al jaren niet meer waren geweest.”
Geen opvolger
Een overname leek even in de maak, maar kwam uiteindelijk niet van de grond. Daarmee verdwijnt De Eetkamer straks definitief uit het straatbeeld. “Dat is wel jammer. Het was mooi geweest als iemand het had voortgezet,” zegt Agnieta. In theorie is overname nog mogelijk. De basis ligt er nog altijd: een bekend restaurant, een vaste kring gasten en een volledig ingerichte zaak.
Trots op wat er staat
Spijt hebben ze niet. “Waar ik het meest trots op ben? Wat we hier hebben neergezet,” zegt Joost. “Dat mensen van het eerste uur nog steeds komen — dat zegt genoeg.” In de beginjaren betekende dat lange dagen. Soms stonden ze tot diep in de nacht nog af te wassen, voordat alles weer klaar was voor de volgende dag. Gaandeweg groeide het team mee, van een afwashulp tot een kleine, vaste groep medewerkers die vaak jarenlang bleef. Uitbreiden was nooit het doel. De kracht zat juist in de schaal waarop ze werkten. “Is groter altijd beter? Dat is maar de vraag,” zegt Agnieta.
De deur gaat dicht
Op 1 juni valt het doek. Geen groot afscheid, geen spektakel. Gewoon de deur dicht — zoals het altijd is geweest: nuchter en op hun eigen manier. Wat daarna komt, is simpel. “Genieten. Van de kleinkinderen, van de kinderen. Van de tijd die we nu hebben,” zegt Agnieta.
Na bijna dertig jaar is het goed geweest! (KDS)
© BorneBoeit. Op onze artikelen en beeldmateriaal rust copyright.
Voor meer informatie raadpleeg de spelregels.